Alle berichten door 131matopos

Belgrim

Het is de dag dat Dumoulin tweede wordt in de Tour de France en de zon op zijn hoogst staat in een klein dorpje in Baskenland. We kijken neer op het dorpsplein, geprangd tussen een imposante, oude kerk en een ander historisch gebouw waarin een hotel gevestigd is. Het is een gezellig zootje. Pinxos, cortados en andere Spaanse lekkernijen vullen de tafels onder ons. We zijn het gewend geraakt op de Camino del Norte langs de kust. Met de fiets over hobbelwegeltjes, te steil op en af de wandelaars volgen en vaststellen dat een fiets op dit pad het foute vervoermiddel is. Peregrinos zijn wandelaars. Ze dragen een rugzak, sleuren een kar, vergezellen een ezeltje, hebben blaren op de voeten en komen te laat in de refugios. De regels van de Compostelagenootschap zijn simpel: wie eerst aankomt krijgt een bed en dit zolang de voorraad strekt. Op het bed, meestal in een grote slaapzaal, leg je je rugzak en de schoenen zet je aan het voeteinden. Respect! Als het zaakje vol zit, moet je verderzoeken naar een andere slaapgelegenheid ofwel ergens tussen de struiken overnachten. De échte pelgrim ziet er dan meestal ook ongewassen vuil uit. Ze manken of stappen met moeite de DDK (Dagelijkse Dosis Kilometers). Ze doen het toch maar en we bewonderen het grote aantal jongeren die deze religieus-spiritueel-fysieke tocht ondernemen.  Alhoewel sommigen maar een weekje onderweg zijn, af en toe een paar golven surfend meenemen, een bus of taxi pakken als de regen hen overvalt,…

18A17A21-9CB2-4D2E-8F46-4B43D3DCEE60
Fisterra

In de gutsende regen duwen we de fietsen door rivierbeddingen van schelp naar schelp. De Camino is bezaaid met pijlen en tegeltjes bedrukt met StJacobsschelpen. Foutrijden is quasi onmogelijk. Toch verliezen we vaak de weg door een teveel aan aanwijzingen van kaarten, GPS en andere caminoboekjes. Turegrinos noemen de wandelaars ons een beetje honend.  De weg is lang en het doel zijn we alweer vergeten. Toch is het elke dag  aankomen en de volgende opnieuw vertrekken.  Vaak zitten we in stapelbedden aan de rand van een drukke weg, tegenover een benzinestation, een heuse raffinaderij, tussen door Franco gebouwde appartementsblokken. Zo mooi het platteland is, zo lelijk en saai zijn de kleinere steden in dit door de staat decennialang verwaarloosde gebied. Navarra, Cantabria, Asturia, Galicië. In het noorden zijn ze fier en ze doen hun best met de middelen die ze hebben.  Asturië is er het ergst aan toe. Leegstand, armoe en zichtbaar protest tegen de overheid. In Galacië belanden we middenin een onafhankelijkheidsoptocht tijdens de viering van St.Jacob op 25juli. Santiago zelf is mooi en leeft. Een allegaartje van jong en oud, lokaal en vreemd, loopt kriskras door elkaar. Honderden pelgrims schuiven met pijnlijke voeten geduldig de laatste meters aan voor een stempeltje in het boekje en op de bijhorende geloofsbrief. The end, my friend!

1E8B510D-3F50-4904-8D4F-B9746B9711B7
Ruta del Sol

”Going fast nowhere!”lezen we op een betonnen restant, hoog op de kliffen voor de kust van Cantabrië. Een schelp afgebeeld als doodskop begeleidt de tekst. Nergens is ergens ver weg in een uithoek van Galicië. Finisterra ligt op de rand van de oceaan en de rotsen liggen er bezaaid met relikten van een zware tocht. We vieren en eten er op de aankomst met wat rest van onze groep. En toen waren ze nog met twee en nog eens twee die de moeite hebben gedaan om met de auto tot hier te rijden en drank en voer aan te sleuren. In groep reizen is hard voor geest, louterend voor de ziel, zalig voor het lichaam. Het is een kuur, die 4 weken vroeg opstaan, vroeg slapen, sober eten en veel drinken en  rusten. Voortdurende konflikten zorgen ervoor dat het vooral mentaal nooit stilvalt. Niet te stillen honger, dorstige hitte, lastige vermoeidheid, natte regen, niet na te komen afspraken en gebrek aan respekt zorgen voor een continue drijfveer voor de één, een voortdurende beperking voor de ander. Niet gemaakt voor het leven in groep, besluit een tweetal hun eigen Camino te rijden. ‘De weg is lang en het doel heiligt de middelen’, moeten ze gedacht hebben, ‘aankomen is de prioriteit.’

F2963D13-3A75-4C16-BA6B-1EB06E17368B
Credencial stempelboekje

Naarmate de kms vorderen fietsen we ons als ervaren Turegrinos, begeleid door een volgwagen, een weg doorheen de religieuze, fysieke en spirituele  ervaringen en uitdagingen van deze onderneming. We slagen met Voldoening. Niet uitmuntend en niet gebuisd, dus échte Belgrims!.

10BC291D-F683-4C65-A8BA-92F244C3997A
Clerus in Santiago

 

 

 

 

 

ST.BABWE and PARHODESIA

Een klein gezelschap ‘nieuwe vrienden’ verzamelt zich op onze loggia ter gelegenheid van mijn verjaardag. Brian en Lena zijn aanwezig en hebben een boerderij op enige afstand van de stad. Ze kweken inheemse planten en bomen. Toepasselijk krijg ik van hen een Pod Mahogany ofte Lucky Bean Tree. De boom is mij onbekend, zoals het merendeel van de endemische planten hier. En als we iets groens  Lees verder ST.BABWE and PARHODESIA

G’et HONDERD en HONDERD es geen één.

 

Op de auto staan momenteel 270.000km waarvan we er 800 keer honderd zelf gereden hebben en dit hoofdzakelijk op afrikaanse wegen. Dat de kwaliteit van die wegen er de laatste eeuw enorm is op vooruitgegaan,  kan geen verrassing zijn en is een genot. Het maakt de lange verbindingen tussen de bezienswaardigheden er een pak makkelijker op. Landen als Namibië en Botswana zijn zo uitgestrekt dat een reis erdoorheen algauw 5000km extra op de teller aangeeft. Alleen hier ten noordwesten van Bulawayo kan je eindeloos van het ene wildpark in het andere rondrijden en grenzen passeren alsof het één van je geliefkoosde bezigheden was. Honderden roadblocks zijn we gepasseerd en evenveel verhaaltjes zijn er verzonnen om de lokale politieman te lijmen, gunstig te stemmen of af te leiden. Nu zijn ze weg. Andere tijden.

Net ‘Honderd jaar eenzaamheid’ van G.G.Marquez gelezen. Misschien honderd jaar te laat, maar toch zo actueel en fantastisch dat het geen seconde verveelt. Een aanrader in periodes van maatschappelijke verandering en instabiliteit.

De honderd beste foto’s worden geselecteerd. Meer kunnen dat er niet zijn. Als je, wegens plaatsgebrek, alsmaar blijft deleten, besef je hoeveel er tijdelijk goed zijn als herinnering, maar algauw verslappen en de aandacht verliezen. Slechts enkele blijven.. De juiste kadrering, kleuren en licht. Voldoende elementen die de aandacht trekken, zoals deze…

image
Cruisen door de Makgadikgadipans

Honderd keer heb ik, eerst met een engelengeduld, later met iets meer autoriteit, aan Mbo proberen uitleggen waarom er niet in de volle zon met water mag gesproeid worden. Jonge blaadjes, hele éénjarige planten en net afgereden gras verbranden terwijl je er staat naar te kijken. Toegegeven, de overgang van het urenlang met de spuit in de hand elke vierkante meter gras bewateren naar het semi-automatisch sproeien, is niet in een handomdraai gemaakt. Bovendien is een grote sproeier iets té zelfstandig en kan een kleintje, dat hooguit 10 vierkante meter bestrijkt, om de vijf minuten verplaatst worden. Vooral aan de straatzijde ziet het gras dan groen!? Daar speelt het sociale leven in de buurt zich af. De bewoners rijden in hun proper blinkende auto’s elektrische poorten door van en naar de shopping mall of hun werk. De tuinmannen hebben dan het kot vrij om gezellig te palaveren onder de jacaranda’s. We kennen ze ondertussen allemaal en wuiven ze vriendelijk en passant toe.

De beste 100 of de HONDERD beste!

 

 

Honderd verhaaltjes, honderden lezers uit een vijftigtal landen, duizenden weergaven sinds begin 2015.  Drie volle jaren zijn gevlogen. Het lijkt een eeuwigheid en toch was het gisteren nog inpakken en wegwezen uit België. Het is een op- en afgaan. Nooit eerder slingerden we vaker tussen warm en koud, nat en droog, wit en zwart, noord en zuid, druk en stil, blauw en grijs, oud en nieuw, leven en dood, vertrouwd en onbekend, natuur en …. Ondertussen blijft het gevoel dubbel en is het altijd even thuiskomen, hier in Bulawayo. Nochtans heeft het zoveel te bieden en bots je overal ter wereld op interessante, geëngageerde en leuke mensen.

 

 

Honderden indrukken, kleuren, smaken en geuren. Honderd jaar Mugabe had ook gekund, maar gelukkig heeft het lot-met een beetje hulp van het leger- er anders over beslist. Een last van honderd jaar is van de schouders gevallen en de opluchting staat op ieders gezicht te lezen. Het enthousiasme werkt aanstekelijk en geeft het land een nieuwe vibe. Ondanks het feit dat er nog wel te klagen valt, uit men het niet meer. Het zwembad krijgt een facelift, de daken worden geschilderd, de straten gekuist, nieuwe kabels getrokken, ….binnenkort misschien nieuw geld. Als er binnen enkele maanden nieuwgedrukte honderddollar biljetten uit de muur gespuwd worden, zal niet iedereen tevreden zijn. Spookbeelden van hyperinflaties en lege banken duiken terug op en herinneren aan de traumatische ervaringen voor zij die nog een beetje normaal geld verdienden. Dat is er trouwens de oorzaak van dat men hier tot zijn honderd moet blijven werken. Met een pensioentje van enkele dollars kom je nauwelijks een dag rond. Honderdmaal dankie en the rest is yet to come.

 

 

Konijn met pruimen.

Het regent in Bulawayo! Met één oor open en twee ogen dikdicht neem ik deze informatie ernstig maar traag in me op. Mijn oor spitst zich. Ik luister naar mogelijk geroffel van de regen op het ijzeren golfplatendak. Het ruisen van de wind, de eerste vogelgeluiden bij zonsopgang. Het is zes uur. In België een uur vroeger en nog pikdonker. Mijn hoofd draait zichzelf om want Kris ligt in mijn blinde hoek. Door de mist zie ik het felle licht van het schermpje van haar iphone. Het regent nú in Byo en ik zie zelfs de druppels op het scherm neervallen. Vaak krijgen we gelijkaardige berichten uit Spanje of België met meldingen over temperatuur, zonneschijn of neerslag. De mist voor mijn ogen is opgetrokken en ik kijk door het raam naar buiten. Een prachtige, welriekende frangipani bedekt volledig mijn zicht. Wakkerworden in de hemel moet er zo ongeveer uitzien. De eerste zonnestralen flikkeren doorheen de bladeren, een enkele oranjerode bloem licht op. Ik hoor en zie geen regen!

De ochtend begint meestal met het nieuws op Radio1. Het weer, de files op onze dichtgeslibde wegen in Vlaanderen.  Vanmorgen kondigt de radio de week van het konijn’ aan. Knuffeldiertjes en paashaasjes, het lievelingshuisdier van kleine kindjes. In de aanloop naar Pasen moet men vermoedelijk het dier onder de aandacht brengen. Na de vasten, het alcoholverbod en andere leuke initiatieven in een periode en maatschappij van overdaad, wordt het tijd om het konijn, het paard, de hond, de kip en waarom niet de tuinslak in de bloemetjes of de bloem te zetten.image

Het konijn kan het best gestoofd worden met pruimen…gaat de reporter verder. Wat?! De week van het konijn is een doodgewone campagne van de konijnenkwekers en jagers in Vlaanderen om het lieve, zachte speelkameraadje verdronken en gegaard in één of andere saus bereid op je bord te krijgen. Barbaars en ook lekker. Volgende week is misschien het paard aan de beurt. Een smakelijke paardesteak of  ‘van ’t perdje’ tussen de boterham. En in een nieuwe hype van de chinese keuken, volgt de week van de hond. Een hondefilé op een bedje van hondebrokken, getrokken in een jus van…

Vandaag regent het dus niet in Bulawayo, wat de weersvoorspellingen ook mogen beweren. Eergisteren dus wel en dan is het een spektakel in de tuin. Padden en miljoenpoten komen uit de grond gekropen, sprinkhanen en mieren vliegen in duizenden op en worden in hun vlucht door de vogels meegepikt. Hier startten we  net de week van de slak. Sappige blaadjes en vochtige grond is hun geliefkoosde habitat. We scharrelen er twee dozijn bij elkaar, melken ze leeg in droge bloem, hongeren ze nog een dag uit tot ze zich spontaan sluiten en gooien ze dan voor een uurtje in kokend water. Vervolgens haal je de weekdiertjes eruit met een scherpe prikker, vul de huisjes met kruidenboter, prop  de slakjes er weer in, bak ze in de pan en klaar is kees. Spanjaarden, fransen en ook belgen zijn er dol op. So do we!

image
Een bijschrift invoeren

In een lang vervlogen tijd-de tijd vliegt snel- hielden mensen ‘de week van de mus’. Het werd niet via allerhande media verspreid, maar het kondigde zichzelf aan. Net voor het uitvliegen van de jonge musjes, werden ze uit het nest geroofd en in een hete pan met boter gebakken. Lekker peuzelen was dat. Die tijd is vervlogen en ook de mussen zijn gaan vliegen. Hier in Byo zie je ze nog, de Passer Domesticus, onze huismus. Huismossie in het afrikaans.

Cunego, het Konijn, was een italiaanse wielrenner. In zijn begindagen, toen doping op zijn musseeuws een middelmatige wielrenner tot held van Vlaanderen en de slimste renner van de wereld kon laten geworden, reeg hij de overwinningen aan mekaar. Nu de controles verscherpt zijn en de mazen van het dopingnet dichtgetrokken, kunnen nog enkel astmatici een koers van enige betekenis winnen. We zien al uit naar de Voorjaarsklassiekers. Hou de puffers klaar voor als het je teveel wordt. De tijd dat je op een gegrilde duif en konijn met pruimen een koers kon winnen is voorbij. Leve de  vrienden van de koers.

image
Lambie, broertje of zusje van Bambie, geboren op 5.02.2018

Volgende week… het schaap.

 

 

Glass en Glace.

Bij de grens van Malawi naar Mozambiek krijgen we nog eens het echte Afrika te zien. De immigratie meldt dat we voor een visum terug naar de ambassade in Blantyre moeten. In 2015 hoefden we zelfs geen visum en nu was ons verteld dat het aan de grens ook kon. Na wat aandringen wordt dan toch de hele procedure  opgestart alsof het om stoommachine gaat. Buiten wordt eerst de generator aangezet, dan binnen  de computer. Vijf keer worden vingerafdrukken genomen. Nog even niet vriendelijk in de lens kijken voor het fotootje en na een uur wordt het visum afgedrukt. Blijkt er vervolgens geen papier in de printer te zitten en worden na enkele pogingen de scheefgedrukte exemplaren geknipt en geplakt tot er in mijn paspoort iets staat wat op een visum moet lijken. Heel zeker zijn ze zelf niet van het resultaat en of dat wel zal volstaan om het land probleemloos door te rijden en de gebruikelijke roadblocks te passeren. Ze vragen welke route we plannen en of we die niet kunnen wijzigen. In het noorden zijn in 2016 wat schermutselingen geweest en is er een compromis uit de bus gekomen waarbij de regio een zekere mate van zelfbestuur heeft gekregen. Het komt erop neer dat als we de grens in de Tete-provincie terug oversteken, hij met een paar telefoontjes onze doorsteek wel kan veiligstellen. Rijden we verder zuidelijk de grens over in Mutare, wat eigenlijk het plan was, dan kan hij niks garanderen. Na twee uur herhaalt het hele proces zich om Chris aan een visum te helpen. Nog eens twee uur verder krijgen we te horen dat het niet gelukt is en er zelfs niks wat op een visum lijkt bijeen te knippen en te plakken valt. Uiteindelijk verplicht hij ons te beloven dat we de grens in Nyamapanda zullen overrijden. Ondertussen is de zon aan het zakken en rijden we het laatste uur in complete duisternis op een redelijke weg, maar met tegenliggers, die standaard met de grote lichten aan of slechts één schijnwerper op je af komen gereden, is het uitkijken, doodsgevaarlijk en soms zelfs blindelings rijden. De bermen zijn diep. De randen van het asfalt verhakkeld. Veiligheidshalve nestel ik me achter een vrachtwagen en hou me verscholen in het zog van deze trage kolos tot de lichtjes van Tete in de verte opdoemen. Zweten is het in  de stad die nat en vuil ligt  te rotten langs de machtige Zambesi River. Als de deur van het kamertje in het Tete Motel, waar we de nacht willes nilles gaan doorbrengen, openzwaait en de airco om negen uur s’avonds 32°C aangeeft, vragen we Sardinha, de schriele manager, vriendelijk maar met aandrang eerst het ding aan te zetten voor we beslissen hier echt de nacht door te brengen. Met één visum en plakkend nat van het zweet ploffen we op het bed, trekken we liggend de kleren van het lijf en wachten we roerloos tot een koel briesje vanuit de airco in onze richting waait en zo onze bezwete lijven droogt en traag maar zeker afkoelt. We zijn veel gewoon. Drie weken Brazzaville en vier weken Lomé worden terug levende herinneringen. Dat was pas een test voor lichaam en geest! Het enige verschil is dat we daar enkel moesten wachten  op een visum dat niet kwam.  Nu niet of  slechts half. Chris is illegaal in het land en haar achterlaten aan de grens is geen optie, hoe mooi en leuk Malawi ook is!? Samen uit, samen thuis…

image
Kamperen tussen de theeplantages in Mulanje

“I’m Glace”, zegt de mooie, vriendelijke jongedame aan de receptie van de Monkey Bay Beach Lodge. What’s in a name? We zien een oude koloniale woning, met een terras dat uitziet op de vervallen haven van Monkey Bay en een paar gestrande schepen. Boma aan de Congo-rivier gaf dezelfde aanblik, maar dit is Malawi en het meer van… . Wat riet en een paar korrels zand zeggen ons dat dit Bilharziagebied is en dus geen beach om te liggen zonnen en zwemmen. Nice to meet you too Glace or is it Grace? Yes, I’m Glace! We zijn al wel wat loadblocks gepasseerd in Malawi en hier slashen ze nog het glas met de hand langs de kant van de load. De wegen zijn overigens keurig en goed berijdbaar. “Tonight we have chicken or chambo with lice.”, voegt ze er nog vrolijk aan toe, zodat onze harten nog meer smelten voor Glace en Malawi in zijn geheel. Die avond doen we een avondwandeling door de lice-velden en naar een afgelegen vissersdorpje en drinken we als afsluiter van weer een leuke dag een koele Carlsberg met het zicht op de binnenvarende Ilala, de enige overblijvende veerboot op het meer. Het afgeleefde schip  verbindt de stadjes langs het meer en is een legende op zich. John, de gebochelde filantroop die hier vanavond laat in de lodge-met-zicht-op-de-haven met  een teveel aan bagage kwam binnengestrompeld, gaat morgen voor een week met de boot het meer rondvaren. Ian, rondtrekkende leraar engels, biedt John na het ontbijt een lift aan. Voor de gelegenheid stap ik mee in zijn huurwagen. De achterruit is dichtgeplakt met een zwarte vuilzak, de aandrijving linksvoor kraakt bij elke beweging van het stuur en bij aankomst aan de haven blijkt bovendien dat zijn rechtervoorband plat staat. John heeft zich een beetje misrekend en als we hem een minuut later op een fietstaxi door de haven zien rijden, vertrekt ook de Ilala uit de haven. Te laat! Ian en ik wandelen rustig richting aanlegkade om wat fotootjes van de uitvarende boot te nemen. Plots zien we John heftig zwaaiend in onze richting lopen roepend dat de boot alsnog terugkeert maar dat zijn bagage nog in de auto ligt. Weer 5 minuten later komt Ian met zijn verhakkelde huurwagen op de kade gereden en ligt de Ilala terug aan de kant. Vier sterke armen trekken onze filantroop de reling over en weg zijn ze. Op het bovendek staan de kapitein en enkele toeristen, daaronder bevinden zich de kajuiten. Benedendeks zitten de lokalen opeengepakt hun potje te koken.  Mr.Bean in Afrika!

image
De Ilala meert aan in Monkey Bay

Het Zwitserland van Afrika

Eén huis in de straat valt op. Het heeft geen omheining, geen drie meter hoge muur met prikkeldraad. De tuin is kaal, zonder gras. De mooi wit en groen geschilderde muren en het Cape Dutch geveltje steken prachtig af tegen de rode aarde. de tuinman watert met een gieter de enkele struiken die de tuin sieren. Een oudroze bougainvillea is de enige plant die woekert en het geheel een bijna surrealistische touch geeft. De eenvoudige ijzeren poort staat open. Ik wandel binnen en stap nieuwsgierig de trap van de veranda op. Er zit een iets oudere vrouw. Ze kijkt me vriendelijk aan en nodigt me uit-hoe kan ze ook anders-om te gaan zitten. Thee en koekjes. Ze vertelt me dat ze uit hun boerderij gezet zijn en nu tijdelijk in de stad zijn komen wonen. Veel keuze hebben ze niet. Dit tafereel speelde zich nu anderhalf jaar geleden af.

image
Kerstboom in Damaraland Namibië

Vandaag stap ik terug binnen. Opnieuw ben ik nieuwsgierig. Het nieuwe Zim is aangekondigd en de feestvierende taferelen zijn de wereld rondgegaan. Geen geweld, geen ruit is er gesneuveld of auto beschadigd. De Jacaranda-revolutie, noemen enkelen het hier. Niets is minder waar. Regelingen werden getroffen, een europese vorst waardig, de rangen werden vervolgens gesloten en oude krokodillen werden in de overgangsregering geposteerd. Bang afwachten is het.  De uitgedreven boer zit voor me. Met één oog kijkt hij naar een cricketmatch op het scherm voor de open haard. Thee en koekjes. Plots begint hij een enthousiast betoog over het oude en het nieuwe Zimbabwe. In de jaren negentig vlogen er dagelijks twee vliegtuigen met tulpen richting Schiphol, zegt hij uitgelaten. De produktie was zo groot dat er restricties op de invoer moesten komen. Het land boomde! Tabak, fruit, vlees, ertsen, toerisme,… Nu ziet het er anders uit. Toch wordt dit het Zwitserland van Afrika, zegt hij apetrots. De boeren worden teruggevraagd om de commerciële landbouw weer  op de kaart te zetten en vandaag kondigde de interim-regering aan dat de Indigenisation wordt afgeschaft. 51% van elke bedrijvigheid moest in handen zijn van een etnisch zuivere zimbabweaan. Blank én zimbabweaan, was niet voldoende. Hij wil zijn zonen terug naar hier brengen.

image
4000j oude rotsschildering van neushoorns in Tsodilo Hills Botswana

We horen de voorbije week meermaals gelijkaardige verhalen. Een enkele reaktie is ronduit negatief. Teveel ontgoocheling. Teveel traumatische ervaringen en het water aan de lippen. Hoop is verbittering geworden. Zonde! Maar te begrijpen. Zelfs nu er licht aan het einde van de tunnel schijnt, is het dagelijkse leven voor velen een struggle. Reeds meer dan twitig jaar hopen ze op verandering.

Nu dan! Sommige banken spuwen al terug US$ uit de automaat. Spuwen is een beetje overdreven. Druppelen. Het gras is groen en de vroege regens zijn het bewijs dat het goed gaat en het geluk aan hun kant staat. Voor ons is een beetje zon al voldoende om een leuke dag te beginnen. Hier is een druppel regen als een omen. Een voorteken dat er betere tijden zitten aan te komen. Will, een overjaarse hippie die hier in de jaren negentig als leraar werkte en op een prachtig stuk land woont dat uitkijkt op de Hillside Dams, vertelt me net dat er de nacht na de coup een zware storm passeerde. Als hij de volgende morgen opstaat, schijnt de zon en is alles vredig rustig.

Spellingsregels!l Leestekens? Ik heb er een hekel aan. Toen we in de jaren zeventig als huistaak een vertaling van een zin van Cicero mee naar huis kregen, was het een heel WE puzzelen, knippen en plakken. Twintig lijnen onderbroken door leestekens, op zoek gaan naar onderwerp, lijdend voorwerp,… Als dan enkele dagen later de vertalingen klassikaal werden voorgelezen, kregen we totaal verschillende verhalen te horen. Hilarisch, soms beschamend als het jouwe werd voorgelezen met een toon van ‘wat heeft die ervan gemaakt’ en je dan de échte vertaling te horen kreeg. Geef mij dan maar Afrikaans. Je schrijft wat je zegt en je zegt wat je ziet. ‘Sarah se gat’ ziet er uit als een platte duin, weten we ondertussen. Het is geen omweg waard.

image
Een bijschrift invoeren

Deze regio in zuidelijk Afrika is misschien wel een détour waard!

image

WINDSTIL

Ik hoor niets en ik zeg niets. Ik praat niet en ik zeg niets. Ik zie niets en ik weet niets. Politiek. Politiek. Het regent niet en de wind is gaan liggen. We kunnen niet eindeloos toertjes blijven ronddraaien op deze aardbol om niet te weten, te horen, te zien. 

image
Zonsondergang met stoomstrein op Vic Falls brug

Drie weken zijn we onderweg naar Byo. Bram Vermeulen kon het niet mooier neerschrijven en zingen. Alhoewel ik niet 100% zeker ben of ik hem wel goed begrijp. Vragen kan ik het hem niet, want hij is er niet.

Als we de grensweg oprijden van Botswana naar Zimbabwe, zien we een file vrachtwagens wachten om de douaneformaliteiten uit te voeren. We worden enthousiast onthaald met de vraag wie onze president is. Hebben we niet! Een koning die niets te zeggen heeft en zich niet bemoeit met politiek, is ook goed. Een premier doet het werk. En of hij een naam heeft en welk dan zijn voornaam is? Een ondervraging, zo lijkt het, maar dan van een gelukkige beamte die ons eigenlijk maar zijn nieuwe president wil aankondigen. Misschien niet moeilijk na 37j! De naam zelf is niet uit te spreken, maar hij belooft alleszins niks dan goeds. Wat sowieso sureëel klinkt in een land als dit.

Nooit  zagen we hier zoveel vrachtwagens aan de grens en ook in Vic Falls op de grens met Zambia is het niet anders. Verder is het heel stil. Onderweg naar het zuiden merken we dat er geen roadblocks zijn. Braaf maar ergerlijk waren de talloze stops. Nu worden we twee keer haltgehouden door politie en leger om dan vriendelijk ´a safe journey’ toegewenst te krijgen.

image
Kazamap met Byo rechtsonder

Aan diezelfde grens kopen we voor het eerst een Kazavisum. De grote nationale parken tussen Angola, Botswana, Namibië, Zambia en Zimbabwe worden in dit enorme projekt met elkaar verbonden om oude migratieroutes van olifanten, wildebeesten, zebra’s enz. te herstellen. Met één visum kunnen toeristen moeiteloos de grenzen tussen deze landen overschrijden  en zo een gebied van meer dan 500.000km2  doorkruisen (d.i. groter dan Spanje). Voorlopig  zijn Zambia en Zimbabwe de enige  die zich binden in het Kazavisum. Botswana en Namibië vereisen gelukkig geen visum, voor ons belgen. Angola in de zuidoosthoek ligt nog bezaaid met mijnen en is leeggestroopt tijdens de twintigjarige burgeroorlog. Namibië lijkt na veel talmen in de boot te springen. Het toerisme is daar aan het boomen en dan moet er meegewerkt worden.

image
Uit de Republikein van 16.11

Toch is het aanpassen aan de rust en de stilte op de wegen en in de parken langs de weg naar Byo. We passeren vrouwen met kruiken water op het hoofd. Overleven zijn ze hier gewend. Wilde dieren hebben het makkelijker in dit land van milk and honey.  In Hwange NP zijn net twintig nieuwe solarpumps geïnstalleerd.  Op de campsite worden we uitzinnig verwelkomd als de eerste toeristen die passeren na de machtsoverdracht.

In Byo zelf zijn de mensen ook blij maar vinden het allemaal een beetje onwerkelijk. De meesten zijn jonger dan het 37jarig bewind van de vorige president en hebben  niets anders gekend. De prijzen van maismeel en rijst stijgen ondertussen en veel is er in die enkele weken niet veranderd. Het is alsof je in een bar al een tijdje naar je lege glas zit te staren  en even later door de vriendelijke ober een proper leeg glas krijgt aangereikt. Schol!

De beloftes zijn veelbelovend en de potentiële mogelijkheden van het land nog groter. De commerciële boeren worden mogelijk terug met open armen ontvangen om de economie aan te zwengelen. De vraag is of ze staan te trappelen om terug te keren, ook al wordt hen in ZAfrika het vuur aan de schenen gelegd en zijn er velen die uitwijken naar zekerdere en veiligere oorden.  Het toerisme is een andere troef! Die  heeft voldoende aan een verandering van imago. Bij deze…en zodus zal, indien en als, geschieden.

 

De Deerhunter en de Kalaharimuis.

image

Oktober in Byo.

Gewild of niet, welkom of niet, we hebben een heimatloze meegenomen. Hij vergezelt ons reeds enkele weken en, alles in beschouwing genomen, is hij geen storend element in onze kleine optrek-op-wielen. Het is dan ook moeilijk afscheid nemen als onze wegen scheiden.

Afscheidnemen is altijd dubbel. Je laat iets achter, neemt wat mee en krijgt nog wel wat extra. We raken het gewend, dat heen en weer pendelen tussen twee werelden. Het ene leventje is heel vertrouwd en verwelkomt ons met open armen. De andere wereld daagt uit, is onbekend en vaak onzeker.

Drie maanden zijn verstreken. Manfred pikt ons op aan de luchthaven van Windhoek. Zijn auto wordt volgeladen met zakken. Onze bestemming heeft zowat alles tekort wat een hart kan wensen. Behalve lieve mensen, leuk weer en mooie vergezichten, is er een tekort aan geld, produkten en middelen. Kreatief zijn en mindful omgaan met wat op je weg komt, wordt de regel.

image
Bar in Urbancamp Windhoek.

Manfred had ons reeds verteld dat hij een hertejager is en, als het moet, bij overlast dus, zijn geweer bovenhaalt om de refugee uit onze wagen manu militari te verwijderen of zelfs gewoon koud te maken. We hadden geen tijd om alle toestanden met vluchtelingen en wat dat politiek veroorzaakt, uitgebreid te gaan uitleggen. Meningen kunnen verschillen. Nu vertelt hij ons doodleuk dat hij de indringer drie maanden gedoogd heeft en dan plots de ernst van de zaak inzag en hem met drastische middelen de hoek heeft omgeholpen.  Ook nu hebben we geen tijd noch de goesting om hier veel woorden aan te verspillen. Het is al laat en donker. Bovendien staat de auto gewassen en rijklaar klaar en is het nog ruim een half uur voor we op de camping aankomen. Rijden in het donker is het laatste wat je in Afrika en nog minder in afrikaanse steden wil doen. Snel betalen we Manfred. We bedanken hem voor de zorg en zeggen “Auf Wiedersehn” en misschien tot nooit meer.

image
Vergiftigde Kalaharimuis.

In het donker klappen we de tent open. Het is een geordend ritueel dat ondertussen al ruim honderd keer is gevolgd. 10 minuten duurt het en ons bedje is gemaakt. Één hoog en droog. Bij het uitpakken  van de bedding merken we her en der verspreid kruimeltjes, papiersnippertjes, plastiekrestjes. S’morgens nemen we de echte omvang van de ravage op, aangericht door onze kleine indringer.

Een thuisloze wordt een indringer als hij voor schade en overlast zorgt. Ongewenst wordt hij en voortvluchtig. Wij willen hem de deur uit. Drie maanden  geleden lieten we de poort van ons paradijs vol lekkers openstaan. Alsof we hem wilden duidelijk maken dat hij snel terug naar de Kalahari moest rennen. 500km is ver maar niet onoverkomelijk. Het rijdt hier vol gehuurde fourwheeldrives die een klein wezentje ongeweten een liftje kunnen geven. Dus je  hebt de keuze: vrijheid of geschoten worden door de Deerhunter. Uiteindelijk wordt het de dood door vergiftiging. Manfred had nl. besloten zijn jachtgeweren te verkopen. Zijn vizier stond niet meer scherp. De handen trilden teveel als de adrenaline omhoogschoot bij het zien van een fiere kudu of elegante springbok.

Met de stofzuiger zuigen we op wat rest van zijn overlevingstocht in de auto. Muizenstront allover! Hoe is hij in godsnaam aan water geraakt. Het mag dan nog een Kalaharimuis zijn, de houten lepel, plastiekpotjes, de binnenbekleding van de auto,… bevatten weinig vocht. Toch overleefde deze kwikke knager. Uiteindelijk vinden we hem naast het op kaasblokjes lijkende gif. Dood!

Moraal van het verhaal: verzorg je indringers, zoniet schakelen ze in overlevingsmodus en is schade mogelijk of zelfs onvermijdelijk.

image
Op weg naar de zondagsmis in Windhoek.

Namibiaja?

“Bier her!bier her! Oder ich falle um, jochei!”, gonst door mijn hoofd en rolt over mijn tong als ik de perfect geasfalteerde wegen en de rechtlijnig omheinde domeinen zie passeren. Grundlichkeit is de maatstaf en bier de calmant. Hier wordt meer Afrikaans gesproken dan in Zuid Afrika en mensen schijnen hier niet te wonen. Het voelt onwerkelijk aan en dat is het ook. De mentaliteit doet denken aan de jaren tachtig in Zimbabwe en de omgang met de lokalen ruikt naar segregatie. Verder voelt een Europese toerist zich hier thuis en rijdt hij in witte, gehuurde Hiluxen van hot naar her, kilometersmalend van de ene touristtrap naar de andere. imageDus dat deden we dan ook maar eens. We zijn in Namibië aanbeland. Hier woont eigenlijk vrijwel niemand per vierkante meter, zijn er alleen koeien achter metershoge omheiningen en spreekt men Duits en Afrikaans. We stoken een vuurtje van koeievlaaien en eten bratwurst als ontbijt.  Het noorden, aan de grens met Angola is wel bevolkt en Himba’s, Herrero’s en San zitten er aan restaurants en supermarkten te wachten op fototrekkende toeristen. Net de grens gepasseerd in Ruacana zaten we rustig in een lokaal barretje te ontbijten toen een man ons een vrouw voorstelde. We kwamen net uit Himbaland en Namibe aan de andere kant van de grens en hadden al heel wat moois gezien zonder er moeten voor te betalen. “Zij is Himba en kan haar kleren uittrekken als je foto’s wil trekken”, vertelt hij ons overtuigend. Een andere keer misschien.image

Hotsebotsend over eindeloze wasbordzandpaden rijden we ons gek naar Sossusvlei en de  ondertussen overleden bakker Moose in Solitaire. We gaan er appeltaart eten en duin 45 beklimmen bij zonsop-en ondergang. Het is dan ook nog eens volle maan en als toemaatje is ze dan nog een stukje verduisterd. Een kers op onze appeltaart! s’Morgens om kwart voor vijf staat er een file voor het hek naar de 60km lange asfalt die speciaal is aangelegd om de duin en de vlei op tijd te bereiken. Hijgend en hoestend wordt door het zand geploeterd om bovenaan op een hoogte van 170m de foto van je leven te maken en dan versteven van de kou de afdaling te beginnen en terug filewaarts naar de bakkerij te rijden om er de Apfelstrüdel en een warme bak koffie naar binnen te werken. Vandaag willen we nog terug in Windhoek arriveren en de Hogespreetpas is zo steil dat we even twijfelen of dat wel gaat lukken.image In eerste versnelling kruipen we de helling op niet wetend of we er wel terug af zullen geraken.  Windhoek is de beloning, waar de Kirche en de gekuiste Strassen een normaal mens gelukkig maken. De foto’s zijn het bewijs!image